BUDDY HOLLY DAGBOEK: DE JAREN ZESTIG

 

1960

Na de dood van Buddy Holly bestaan The Crickets uit drummer Jerry Allison, bassist Joe Mauldin en gitarist Sonny Curtis. Henry Earl Sinks is van november 1958 tot december 1960 de zanger. Vooral in Europa heeft de groep succes. Op 15 januari 1960 komt When You Ask About Love, een compositie van Jerry Allison en Sonny Curtis, op de 27-ste plaats van de Engelse hitparade binnen. Eén week later is de single (Coral Q 72382) alweer verdwenen uit de lijst. When You Ask About Love en de B-kant Deborah zijn in mei 1959 in de Bell Sound Studio in New York opgenomen.

 

Op 29 februari 1960 zijn The Crickets van zeven tot half elf ’s avonds in de Decca Studio in Los Angeles op vier songs op te nemen. Sonny Curtis is de zanger op Baby My Heart, So You’re In Love, Smooth Guy en More Than I Can Say.

 

Baby My Heart wordt op 30 maart 1960 van twee tot vijf uur in de Decca Studio in New York opgenomen. Naast gitarist/zanger Sonny Curtis, bassist Joe Mauldin en drummer Jerry Allison zijn gitarist Arthur Reyerson en pianist Andrew Ackers op Baby My Heart te horen.

 

De re-release van Heartbeat van Buddy Holly komt op 28 april 1960 de Engelse hitparade binnen. Net als in januari 1959 blijft de single ook nu op 30 steken.

 

Op 12 mei 1960 komt More Than I Can Say van The Crickets op nummer 42 binnen van de Engelse hitparade. Na een week is deze compositie van Sonny Curtis en Jerry Allison uit de lijst verdwenen. De B-kant, Baby My Heart, houdt het langer vol. Die komt op 26 mei 1960 de Engelse hitparade binnen. Baby My Heart haalt de 33ste plaats en staat vier weken genoteerd.

 

True Love Ways dat Buddy Holly tijdens zijn allerlaatste opname-sessie 21 oktober 1958 bij Decca in New York heeft opgenomen, komt op 26 mei 1960 de Engelse hitparade binnen. De single (Coral Q 72397) blijft op 25 steken.

 

Op 11 augustus 1960 nemen The Crickets in de Liberty Studio in Los Angeles in Californië twee liedjes op – Don’t Cha Know en een cover van Peggy Sue Got Married. Tijdens deze opname-sessie bestaan The Crickets uit gitarist Jerry Allison, bassist Joe Mauldin, drummer Ernie Hall en de nieuwe zanger David Box. Sonny Curtis heeft The Crickets verlaten. Don’t Cha Know en Peggy Sue Got Married worden op Coral 62238 uitgebracht. De single is geen success.

 

The Everly Brothers nemen op 17 september 1960 Walk Right Back op. Het is een compositie van Sonny Curtis. Walk Right Back komt op 6 februari 1961 de Amerikaanse Top 100 binnen. Hij bereikt de zevende plaats. Ook de B-kant, Ebony Eyes, wordt een hit. Die bereikt de achtste plaats.

 

Learning The Game van Buddy Holly komt op 20 oktober 1960 de Engelse hitparade binnen. De single (Coral Q 72411) bereikt de 36-ste plaats. Learning The Game staat drie weken genoteerd. Het is één van de laatste composities van Buddy Holly die hij in december 1958 in zijn appartement in New York op de band heeft vastgelegd. Learning The Game is in januari 1960 in Coral Records Studio A in New York van een orkestband voorzien door pianist Andrew Ackers, drummer David "Panama" Francis, bassist Sanford Blocke en gitarist Donald Arnone. The Ray Charles Singers zorgen voor de achtergrondvocalen. C. John "Jack" Hansen is de producer van Learning The Game.

 

Op 5 december 1960 wordt op Coral CRL 57320 de LP In Style With The Crickets uitgebracht. Op dit album staan Someone Someone, More Than I Can Say, Rockin’ Pneumonia & The Boogie Woogie Flu, Great Balls Of Fire, Ting-A-Ling, Just This Once, Deborah, Baby My Heart, When You Ask About Love, Time Will Tell, A Sweet Love, I Fought The Law en Love’s Made A Fool Of You. In Style With The Crickets is tussen 21 november 1958 en 30 maart 1960 opgenomen. De LP komt op 25 maart 1961 de Engelse albumlijst binnen. In Style With The Crickets bereikt de dertiende plaats.

 

1961

What To Do van Buddy Holly komt op 26 januari 1961 de Engelse hitparade binnen. Het is een van de liedjes die Buddy Holly in zijn appartement in New York heeft opgenomen. What To Do is in januari 1960 in Coral Records Studio A in New York van een orkestband voorzien door pianist Andrew Ackers, drummer David "Panama" Francis, bassist Sanford Blocke en gitarist Donald Arnone. The Ray Charles Singers zorgen voor de achtergrondvocalen. C. John "Jack" Hansen is de producer van What To Do.

 

De single Baby I Don’t Care/Valley Of Tears van Buddy Holly komt op 6 juli 1961 de Engelse hitparade binnen. Baby I Don’t Care haalt de twaalfde plaats.

 

A Tribute To Buddy Holly van Mike Berry komt op 12 oktober 1961 de Engelse hitparade binnen. Deze single (HMV Pop 912) komt niet verder dan 26. Veertien jaar later bereikt een nieuw opgenomen versie van A Tribute To Buddy Holly de tweede plaats in de Nederlandse Top 40.

 

Door de platenmaatschappij Ace Of Hearts wordt in oktober 1961 de verzamelaar That’ll Be The Day uitgebracht. Deze LP komt op 21 oktober 1961 de Engelse albumlijst binnen. Hij bereikt de vijfde plaats.

 

Op Coral 72445 wordt op 17 november 1961 Look At Me van Buddy Holly op single uitgebracht. Op de B-kant staat Mailman Bring Me No More Blues. De single is geen succes.

 

1962

The Beatles doen op 1 januari 1962 auditie in de Decca-studio’s in de Londense wijk West Hampstead. Deze auditie wordt opgenomen door Mike Smith, de man die later producer is van o.a. The Marmalade en Love Affair. In een razend tempo nemen The Beatles twaalf nummers op waaronder de Buddy Holly-compositie Crying Waiting Hoping. Mike Smith ziet wel wat in The Beatles, maar zijn baas Dick Rowe laat de groep uit Liverpool koud. Tegen manager Brian Epstein zegt hij: “Sorry, meneer Epstein, maar gitaargroepen zijn uit de mode”. Brian Epstein probeert dit nog te weerleggen met zijn opmerking: “Deze groep wordt groter dan Elvis Presley”. The Beatles zijn zelf niet blij met deze auditie. Zij zijn op 31 december 1961 door de sneeuw in een onverwarmd bestelbusje van Liverpool naar Londen gereden. De rit duurt zo’n tien uur, omdat chauffeur Neil Aspinall de weg kwijtraakt. Dick Rowe is de geschiedenis ingegaan als ‘de man die The Beatles heeft afgewezen’. In plaats van The Beatles biedt hij Brian Poole & The Tremeloes een contract aan bij Decca.

 

Op 15 maart 1962 komt Listen To Me van Buddy Holly op 48 van de Engelse hitparade binnen. Op de B-kant staat Words Of Love. Na één week is de single (Coral Q 72449) alweer verdwenen. Precies vier jaar eerder haalt Listen To Me de zestiende plaats.

 

Reminiscing van Buddy Holly komt op 13 september 1962 de Engelse hitparade binnen. De single (Coral Q 72455) bereikt de zeventiende plaats. Reminiscing heeft Buddy Holly in januari 1958 in de Bell Sound Studios in New York opgenomen. Hij wordt begeleid door bassist Joe Mauldin, drummer Jerry Allison en saxofonist King Curtis. Reminiscing is op 20 augustus 1962 in Amerika op Coral Q 62329 uitgebracht. Op de B-kant staat Wait Till The Sun Shines, Nellie. De single is geen hit in de Verenigde Staten.

 

Somebody (When I’m Gone From You) van Bobby Vee & The Crickets komt op 22 september 1962 de Billboard Hot 100 binnen. De single staat twee weken genoteerd en komt niet hoger dan 99. Somebody (When I’m Gone From You) is één van de tracks van Bobby Vee Meets The Crickets die in maart 1962 is uitgebracht. Deze LP is op 21 juli 1962 de Billboard-albumlijst binnengekomen. Bobby Vee Meets The Crickets bereikt de 42ste plaats. In Engeland komt de LP op 27 oktober 1962 de albumlijst binnen. Bobby Vee Meets The Crickets staat 27 weken genoteerd en bereikt de tweede plaats.

 

Op 21 juni 1962 komt Don’t Ever Change van The Crickets de Engelse hitparade binnen. De groep staat inmiddels bij Liberty Records onder contract. The Crickets bestaan inmiddels uit drummer Jerry Allison, gitarist Red Callander, gitarist/zanger Red Callender, pianist Glen D. Hardin en zanger Jerry Naylor. Don’t Ever Change bereikt de vijfde plaats in de Engelse hitparade.

 

In 1962 stapt Eric Budd op als drummer bij Jimmy Gilmer & The Fireballs.

Hij wordt opgevolgd door Doug Roberts.

 

1963

Op Liberty LRP 3272/LST 7272 wordt in januari 1963 de LP Something Old, Something New, Something Blue, Something Else! van The Crickets uitgebracht. Op het album staan Willie & The Hand Jive, Don’t Ever Change, Summertime Blues,  Searchin’, Little Hollywood Girl, Parisian Girl, Pretty Blue Eyes, What’d I Say, Blue Blue Day, Love Is Strange,  Blue Monday en He’s Old Enough To Know Better.

 

My Little Girl van The Crickets komt op 24 januari 1963 de Engelse hitparade binnen. Het liedje is geschreven door Sonny Curtis. De single (Liberty LIB 10067) bereikt de zeventiende plaats.

 

Reminiscing is de titel van een LP van Buddy Holly waarop hij wordt begeleid door The Fireballs. Deze groep heeft eind 1962 in de studio van Norman Petty in Clovis in New Mexico de laatste opnamen van Buddy Holly uit januari 1959 van een orkestband voorzien. Reminiscing komt op 16 maart 1963 de Billboard-albumlijst binnen. Hij haalt de veertigste plaats. In Engeland doet de LP het beter. Reminiscing komt op 6 april 1963 binnen. Het album staat 31 weken genoteerd. Reminiscing blijft op de tweede plaats steken achter de soundtrack van Summer Holiday van Cliff Richard & The Shadows. Eén van de tracks is Brown-Eyed Handsome Man. Als single bereikt deze compositie van Chuck Berry de derde plaats bereikt in de Engelse hitparade.

 

Brown Eyed Handsome Man, met op de B-kant Slippin’ And Slidin’, wordt op 8 maart 1963 in Engeland uitgebracht op Coral Q 72459. Brown Eyed Handsome Man komt op 14 maart 1963 de Engelse hitparade binnen. De single haalt de derde plaats.

 

Bo Diddley, met op de B-kant True Love Ways ligt vanaf 1 april 1963 op Coral C 62352 in de Amerikaanse platenwinkels. De single wordt geen hit.

 

Op 30 mei 1963 komt (Ain’t That) Just Like Me van The Hollies de Engelse hitparade binnen. De debuutsingle van deze groep uit Manchester blijft op 25 steken. The Hollies bestaan uit zanger Allan Clarke, gitaristen Graham Nash en Tony Hicks, bassist Eric Haydock en drummer Bobby Elliott. The Hollies hebben voor deze naam gekozen omdat zij grote bewonderaars van Buddy Holly zijn.

 

In de Muziek Expres Top 30 van juni 1963 komt Brown Eyed Hansome van Buddy Holly met begeleiding van The Fireballs binnen. De single staat vier maanden in de lijst. Brown Eyed Handsome Man bereikt de veertiende plaats.

 

Don’t Try To Change Me van The Crickets komt op 6 juni 1963 de Engelse hitparade binnen. De single (Liberty LIB 10092) komt niet hoger dan 37. In dezelfde hitparade komt de single Bo Diddley van Buddy Holly binnen. Op de B-kant staat It’s Not My Fault. Deze single is op 31 mei 1963 in Engeland uitgebracht op Coral Q 72463. Bo Diddley, waarop Buddy Holly wordt begeleid door The Fireballs, haalt de vierde plaats (hoes: collectie Wilfred de Jong).

 

In het Paris Theatre in Londen maken The Beatles op 16 juli 1963 opnamen voor het radioprogramma Pop Go The Beatles. Zij zingen o.a. de Buddy Holly-compositie Crying Waiting Hoping. Deze aflevering van Pop Go The Beatles wordt op 6 augustus 1963 door de BBC uitgezonden. Vijf dagen eerder worden de volgende opnamen voor Pop Go The Beatles gemaakt in het Playhouse Theatre in Manchester. Dit keer zingen The Beatles o.a. Don’t Ever Change, de hit van The Crickets.

 

The Searchers hebben in augustus 1963 een nummer 1-hit in Engeland met Sweets For My Sweet. De single is uitgebracht op Pye 7N-15533. Door dit succes brengt Philips een extended-play uit met live-opnamen die in de Star-Club in Hamburg is opgenomen. Hierop staat o.a. een live-versie van het Buddy Holly-nummer Listen To Me.

 

Wishing, met op de B-kant Because I Love You, is de derde single die op 30 augustus 1963 in Engeland wordt uitgebracht. Wishing komt op 5 september 1963 de Engelse hitparade binnen. Wishing (Coral Q 72466) blijft op tien steken.

 

In Amerika is Wishing op 29 juli 1963 op Coral 62369 verschenen als B-kant van Brown Eyed Handsome Man. De single is geen succes.

 

Sugar Shack van Jimmy Gilmer & The Fireballs komt op 21 september 1963 de Billboard Hot 100 binnen. De single, met op de B-kant Hearts Is Free, is uitgebracht op Dot 16487. Jimmy Gilmer is sinds 1960 de opvolger van zanger Chuck Tharp. Sugar Shack staat vanaf 12 oktober 1963 vijf weken op de eerste plaats van de Billboard Hot 100. Het is de bestverkochte single van 1963 in Amerika.

 

In Londen neemt Dave Berry op 26 november 1963 een cover van het Buddy Holly-nummer Not Fade Away op. De single wordt op 14 augustus 1964 uitgebracht. Not Fade Away wordt geen hit.

http://www.cryinggame.co.uk/bio.html

 

Op 13 december 1963 verschijnen What To Do en Dearest op 13 december 1963 op Coral Q 72469. What To Do is door The Fireballs van een nieuwe orkestband voorzien. De single komt op 19 december 1963 de Engelse hitparade binnen. What To Do komt niet hoger dan 27.

 

Ook enkele Nederlandse artiesten wagen zich in 1963 aan het repertoire van Buddy Holly. The Blue Diamonds nemen That’ll Be The Day op. Johnny Lion & The Jumping Jewels nemen Everyday op. Dit is te vinden op de B-kant van de single I Wanna Dance With You. Dit is een compositie van Peter Koelewijn die op het label (Philips 327 807 JF) staat vermeld als Pee C. Kay.

 

1964

Op 6 januari 1964 wordt in de Verenigde Staten de single Rock Around With Ollie Vee op Coral 62392 uitgebracht. Op de B-kant staat I’m Gonna Love You To. De single wordt geen hit in de Billboard Hot 100.

 

Binnen één minuut en 42 seconden wordt op 10 januari 1964 Not Fade Away, de derde single van The Rolling Stones, opgenomen. Het is een hommage aan Buddy Holly, de zanger van het origineel. In de versie van The Rolling Stones zit een een flinke scheut Bo Diddley. Not Fade Away wordt opgenomen in de Regent Sound Studio in Londen. De single is geproduceerd door Andrew ‘Loog’ Oldham. De techniek wordt verzorgd door Bill Farley. Op 21 februari 1964 wordt Not Fade Away, met op de B-kant Little By Little, in Engeland uitgebracht. Deze single verkoopt beter dan hun eerste twee singles Come On en I Wanna Be Your Man. Not Fade Away is met zijn derde plaats de eerste top tien-notering voor The Rolling Stones in Engeland.

 

Het album California Sun van The Crickets wordt in februari 1964 op Liberty LRP 3351/LST 7351 uitgebracht. De groep bestaan voor deze gelegenheid uit zanger Jerry Naylor, gitarist Sonny Curtis, drummer Jerry Allison, pianist Glen D. Hardin en achtergrondzanger Buzz Cason. De tracks I Think I’ve Caught The Blues en We’ve Got To Get Together worden op single uitgebracht. Op deze tracks nemen Jerry Allison en Buzz Cason de zang voor hun rekening. Zij worden begeleid door gitaristen Tommy Allsup en George Tomsco, bassist Stan Lark en drummer Jerry Allison. George Tomsco en Stan Lark zijn twee leden van The Fireballs. De tracks op dit album zijn I Want To Hold Your Hand, California Sun, She Loves You, A Fool Never Learns, Slippin’ & Slidin’, I Saw Her Standing There, Lonely Avenue, Please Please Me, Money, From Me To You, You Can’t Be In-Between en Come On.

 

You’ve Got Love ligt vanaf 24 april 1964 in de Engelse platenwinkels.

Op de B-kant staat An Empty Cup. De single (Coral Q 72472) komt op 14 mei 1964 binnen in de Engelse hitparade. You Got Love komt niet hoger dan 40. Drie dagen later wordt in Amerika Maybe Baby/Not Fade Away op Coral 62407 uitgebracht. De single flopt.

 

Op 7 mei 1964 komt Someone Someone van Brian Poole & The Tremeloes de Engelse hitparade binnen. Het liedje is geschreven door Violet Petty en al eerder opgenomen door The Crickets. Earl Sinks is de zanger op die versie. Someone Someone van Brian Poole & The Tremeloes bereikt de tweede plaats in de Engelse hitparade. De groep is in 1959 in Dagenham in het graafschap Essex opgericht. Brian Poole & The Tremeloes zijn grote fans van Buddy Holly. Zanger Brian Poole gaat zelf zover dat hij tijdens optredens een Buddy Holly-bril draagt.

 

In 1964 is Buddy Holly nog steeds populair in Engeland. Op 13 juni 1964 van dit jaar komt voor de vijfde keer een verzamel-LP de hitparade binnen. Buddy Holly Showcase (Coral LVA 9222) bereikt de derde plaats. Op enkele tracks zorgen The Fireballs voor de begeleiding.

 

De nieuwe single (They Call Her) La Bamba van The Crickets komt op 2 juli 1964 de Engelse hitparade binnen. De single (Liberty LIB 55696) bereikt de 21ste plaats.

 

Love’s Made A Fool Of You met op de B-kant You’re The One, wordt op 4 september 1964 in Engeland op Coral Q 72472 uitgebracht. Deze single van Buddy Holly met begeleiding van The Fireballs komt op 10 september 1964 de Engelse hitparade binnen. Love’s Made A Fool Of You blijft steken op 30.

 

Alle bandleden van Buddy & The Kings komen op 23 oktober 1964 bij een vliegtuigongeluk om het leven. Dit zijn zanger David Box, zanger/gitarist Buddy Groves, bassist Carl Banks en drummer Bill Daniels. De vier hebben een Cessna Skyhawks 172 gehuurd om naar een optreden in Harris County in Texas te vliegen. Het toestel wordt bestuurd door Bill Daniels. David Box is in 1960 enige tijd lid geweest van The Crickets. Hij is te horen op hun single Don’t Cha Know en de B-kant Peggy Sue Got Married. David Box is 21 jaar geworden.

 

The Everly Brothers nemen op 3 december 1964 in Nashville in Tennessee That’ll Be The Day op. Het nummer is in 1957 een nummer 1-hit in Amerika voor Buddy Holly & The Crickets. De versie van Don en Phil Everly wordt geen hit in Amerika, maar wel in Europa. Op 6 mei 1965 komt That’ll Be The Day de Engelse hitparade binnen. Hij blijft steken op de dertigste plaats. In de Veronica Top 40 komt de single op 8 mei 1965 binnen. That’ll Be The Day bereikt hier de negende plaats op 19 juni 1965.

 

Beatles For Sale ligt vanaf 4 december 1964 in de platenwinkel. Deze vierde LP van The Beatles is tussen 11 augustus en 18 oktober 1964 in de Abbey Road Studio in Londen opgenomen. Het album is geproduceerd door George Martin. Norman ‘Hurricane’ Smith is de technicus. Op Beatles For Sale staan No Reply, I’m A Loser, Baby’s In Black, Rock And Roll Music, I’ll Follow The Sun, Mr. Moonlight, Kansas City/Hey Hey Hey Hey, Eight Days A Week, Words Of Love, Honey Don’t, Every Little Thing, I Don’t Want To Spoil The Party, What You’re Doing en Everybody’s Trying To Be My Baby. De Buddy Holly-compositie Words Of Love wordt gezongen door Paul McCartney. John Lennon doet de tweede stem. Deze track hebben The Beatles op 8 oktober 1964 in de Abbey Road Studio in Londen opgenomen.

 

1965

Begin 1965 wordt door de Nederlandse platenmaatschappij CNR een LP van The Scorpions uitgebracht. Deze groep uit Manchester bestaat uit (v.l.n.r.) Rodney Postill, Tony Briley, Peter Lewis, Mike Delaney and Tony Postill. Op dit album, dat in Nederland is opgenomen, staat een cover van Not Fade Away.

 

Op de voorpagina van het Engelse muziekblad Record Mirror van 27 maart 1965 lezen wij dat Jerry Allison, Sonny Curtis, Glen D. Hardin en Jerry Naylor ophouden als The Crickets. Zanger Jerry Naylor gaat solo verder. Toetsenist Glen D. Hardin is vanaf 1969 actief bij Elvis Presley. Sonny Curtis en Jerry Allison zijn inmiddels succesvolle liedjesschrijvers. The Everly Brothers hebben in 1960 hun Walk Right Back opgenomen. Bobby Vee heeft in 1962 een wereldhit met hun More Than I Can Say. Voor Andy Williams hebben zij in 1963 A Fool Never Learns gecomponeerd. The Bobby Fuller Four hebben in 1966 een hit met hun compositie I Fought The Law. Voordat The Crickets uit elkaar gaan maken zij nog opnamen voor de bioscoopfilm Girls On The Beach die in de zomer 1965 in de Verenigde Staten te zien is. In deze film van William Witney treden ook The Beach Boys en Lesley Gore op.

 

Deze foto van The Crickets is in maart 1965 gemaakt door Steve Bonner tijdens een optreden in de Panther Hall in Fort Worth in Texas. De groep bestaat voor deze gelegenheid uit (v.l.n.r.) Larry Trider, Jerry Allison, Larry Welborn en Doug Walden.

 

Op 8 april 1965 komt een cover-versie van True Love Ways door Peter & Gordon de Engelse hitparade binnen. De single (Columbia DB 7524) bereikt de tweede plaats. In Amerika blijft True Love Ways op veertien steken. In ons land komt de single niet hoger dan de zeventiende plaats.

 

Op Liberty LBY 1258 wordt in mei 1965 alleen in Engeland de verzamel-LP

A Collection van The Crickets uitgebracht. Op het album staan (They Call Her) La Bamba, All Over You, Ev’rybody’s Got A Little Problem, I Think I’ve Caught The Blues, We Gotta Get Together, Playboy, Lonely Avenue, My Little Girl, Teardrops Fall Like Rain, Right Or Wrong, You Can’t Be In-Between, Don’t Try To Change Me, Lost & Alone en I’m Not A Bad Guy .

 

Holly In The Hills van Buddy Holly komt op 26 juni 1965 de Engelse albumlijst binnen. Dit album blijft op dertien steken. Op de LP staan twaalf liedjes die hoofdzakelijk door Buddy Holly en Bob Montgomery in 1954 of 1955 zijn opgenomen. Deze opnamen zijn in 1964 door Norman Petty, met hulp van The Fireballs, van een nieuwe orkestband voorzien.

 

 

 

1966

In de Verenigde Staten wordt in april 1966 op Coral CXB-8 de LP The Best Of Buddy Holly uitgebracht.

 

In Engeland wordt in 1966 maar één single van Buddy Holly uitgebracht.

Op 20 mei 1966 verschijnt op Coral 72483 Maybe Baby. Op de B-kant staat That’s My Desire. De single wordt geen hit.

 

In Los Angeles wordt op 18 juli 1966 zanger Bobby Fuller dood in zijn auto gevonden. De politie denkt eerst aan zelfmoord. Later blijkt dat hij is vermoord. Overgoten met benzine is hij in zijn auto gelegd. Zes maanden voor zijn dood heeft Bobby Fuller een hit met I Fought The Law, een single van zijn groep The Bobby Fuller Four. Het liedje is geschreven door Sonny Curtis van The Crickets. Bobby Fuller is 22 jaar geworden. De daders zijn nooit gevonden.

 

1967

Na eerst zijn huishoudster Violet Shenton te hebben neergeschoten, pleegt Joe Meek op 3 februari 1967 zelfmoord vóór de deur van zijn flat in Noord-Londen. De producer zit diep in financiële zorgen. Bovendien worstelt hij met zijn homoseksualiteit. De producer van o.a. The Tornados, John Leyton en The Honeycombs is zijn hele leven een groot fan van Buddy Holly. Daarom kiest hij juist deze dag uit om een einde aan zijn leven te maken. Joe Meek is 37 jaar geworden.

 

Op 15 juli 1967 komt Buddy Holly’s Greatest Hits de Engelse albumlijst binnen. Deze verzamel-LP bereikt de negende plaats en staat veertig weken in de lijst. Tot drie keer toe komt dit album opnieuw de lijst binnen - op 21 augustus 1971, op 12 juli 1975 en op 8 september 1984. In 1971 blijft de LP op 32 steken. In 1975 komt hij niet hoger dan 42. Negen jaar later staat Buddy Holly’s Greatest Hits één week op 100.

 

Bottle Of Wine van The Fireballs komt op 30 december 1967 de Billboard Hot 100 binnen. De single (Atco 6491) bereikt 2 maart 1968 de negende plaats.

 

1968

In Engeland wordt op 22 maart 1968 Peggy Sue en Rave On uitgebracht op

MCA MU 1012. De single komt op 3 april 1968 de Engelse hitparade binnen.

Hij komt niet hoger dan 32.

 

Op MCA MU 1017 wordt in Engeland op 10 mei 1968 Oh Boy! met op de B-kant That’ll Be The Day uitgebracht. De single wordt geen hit.

 

Rave On wordt in Amerika op 22 juli 1968 uitgebracht op Coral C 62554.

Early In The Morning staat op de B-kant. Ook deze single flopt.

 

1969

In Engeland ligt Love Is Strange van Buddy Holly op 31 januari 1969 in de platenwinkels. Op de B-kant staat You’re The One. De single (MCA MU 1059) wordt geen hit.

 

Giant, in februari 1969 uitgebracht door MCA Records, komt op 12 april 1969 op dertien binnen in de Engelse albumlijst. Een week later is het album alweer uit de lijst verdwenen. Op Giant staan liedjes die door Buddy Holly thuis in Lubbock in Texas in 1955 of 1956 zijn opgenomen. De banden zijn door Buddy Holly zijn ouders beschikbaar gesteld. In de studio van Norman Petty in Clovis in New Mexico zijn Love Is Strange, Good Rockin' Tonight, Blue Monday, Have You Ever Been Lonely, Slippin' And Slidin', You're The One, Ummm Oh Yeah Dearest, Smokey Joe's Café, Ain't Got No Home en The Holly Hop door The Fireballs in 1964 en 1968 van een nieuwe orkestband voorzien. The Fireballs bestaan uit de gitaristen George Tomsco en Doug Roberts, zanger/pianist Jimmy Gilmer, drummer Doug Roberts en bassist Stan Larks. http://www.fireballs-original.com/index.htm

 

In Amerika verschijnen op 17 maart 1969 Love Is Strange en You’re The One van Buddy Holly op Coral 62558. De single wordt geen hit.

 

It Doesn’t Matter Anymore met op de B-kant Maybe Baby wordt op 23 mei 1969 in Engeland uitgebracht. Het is de negentiende en laatste single die van Buddy Holly in de jaren zestig in Engeland verschijnt. It Doesn’t Matter Anymore wordt geen hit. Tien jaar eerder was de single goed voor een eerste plaats in de Engelse hitparade.

 

Blind Faith brengt op 22 juni 1969 haar eerste album uit. De Britse supergroep is op 8 februari 1969 opgericht door Eric Clapton en Ginger Baker van The Cream, Ric Grech van Family en Steve Winwood van Traffic. Het titelloze album is in april en mei 1969 in de Olympic Studios in Londen opgenomen. De LP is geproduceerd door Jimmy Miller. Op het album staat o.a. de single Well All Right. Blind Faith heeft deze Buddy Holly-cover op 28 februari 1969 in de Morgan Studios in Londen opgenomen. Hij bereikt de 23ste plaats in de Nederlandse Top 40. De LP komt op 16 augustus 1969 de Billboard-albumlijst binnen. Vanaf 20 september 1969 staat de plaat twee weken aan de top. Ook in Engeland staat het album vanaf 20 september 1969 twee weken op de eerste plaats. Ditzelfde jaar gaat Blind Faith uit elkaar.

 

Retour hoofdpagina Buddy Holly Dagboek

 

Bronnen: The Buddy Holly Center, Lubbock; The Buddy Holly Story geschreven door John Tobler; British Hit Singles van David Roberts; British Hit Albums van Paul Gambaccini,

Tim en Jonathan Rice; Billboard Top Pop Singles & Albums van Joel Whitburn; Hitdossier en Albumdossier van Johan van Slooten; www.peterkoelewijn.nl; diverse internetsites

en archief Ton van Draanen.

 

© 2005, Ton van Draanen.

 

Retour hoofdpagina: www.vandaagindemuziek.nl