THE BEATLES DAGBOEK JULI

 

In Liverpool wordt op 7 juli 1902 James McCartney geboren. Hij is de oudste van de zes kinderen van Joseph McCartney (1866 - 1942) en Florence Clegg (1874 - 1944). James McCartney overlijdt op 13 maart 1976 in Heswall.

 

The Quarrymen spelen op 6 juli 1957 op een braderie van de St. Peters Parish-kerk in de Liverpoolse wijk Woolton. De groep bestaat uit (foto v.l.n.r.) gitarist Eric Griffiths, drummer Colin Hanton, banjospeler Rod Davis, zanger/gitarist John Lennon, Pete Shotton bespeelt het wasbord en bassist Len Garry. Na dit optreden wordt Paul McCartney door een gezamenlijke vriend, Ivan Vaughan, aan John Lennon voorgesteld. Op 18 oktober 1957 wordt Paul McCartney officieel lid van The Quarrymen. Tijdens het optreden op de braderie van de St. Parish-kerk worden Baby Let’s Play House en Puttin’ On The Style op de band vastgelegd. Deze bandopname van The Quarrymen brengt op 15 september 1994 bij een veiling in Londen 156.000 dollar op. De band wordt te koop aangeboden door een Canadese zakenman die het meer dan dertig jaar in een kluis heeft bewaard. EMI Records is de nieuwe eigenaar.

 

Op 15 juli 1958 komt Julia Lennon, de moeder van John Lennon, om het leven bij een verkeersongeluk op Menlove Avenue in Liverpool. Zij wordt overreden door een politieman die op weg naar huis is. Ook al woont John Lennon bij zijn tante Mimi, toch gaat hij regelmatig op bezoek bij zijn moeder. Haar dood heeft diepe indruk op hem gemaakt. Op zijn eerste solo-LP uit 1970 staan twee nummers die gaan over de relatie tussen John Lennon en zijn moeder - My Mummy’s Dead en Mother. Julia Lennon is 43 jaar geworden.

1961

In Liverpool verschijnt op 6 juli 1961 het eerste nummer van Mersey Beat. Hoofdredacteur Bill Harry schrijft over alle beatgroepen die in en rondom Liverpool actief zijn.

 

1963

The Beatles nemen op 1 juli 1963 in Abbey Road-studio 2 in Londen She Loves You en I’ll Get You op. Beide nummers zijn bestemd voor de nieuwe single die op 23 augustus 1963 wordt uitgebracht. De productie is in handen van George Martin. Norman “Hurricane” Smith en Geoff Emerick doen de techniek. Vanaf 29 augustus 1963 staat She Loves You vier weken op de eerste plaats in de Engelse hitparade. Met ingang van 28 november 1963 staat de single nogmaals twee weken aan de top. Deze foto is op 1 juli 1963 gemaakt in de tuin achter de studio.

 

De EP Twist And Shout van The Beatles ligt op 12 juli 1963 in de platenwinkel. Hierop staat uiteraard Twist And Shout en verder A Taste Of Honey, Do You Want To Know A Secret en There’s A Place. Alle vier nummers zijn afkomstig van het album Please Please Me dat op 11 februari 1963 in de Abbey Road-studio in Londen is opgenomen.

 

The Beatles beginnen op 18 juli 1963 in de Abbey Road Studio in Londen aan de opnamen van hun tweede LP With The Beatles. You Really Got A Hold On Me van Smokey Robinson is de eerste track die op de band wordt vastgelegd. I Wanna Be Your Man is op 12 september 1963 het laatste nummer dat wordt opgenomen. Op 17 oktober 1963 wordt de laatste hand aan het album gelegd als The Beatles nog enkele gitaarpartijen aan You Really Got A Hold On Me toevoegen. With The Beatles wordt op 22 november 1963 uitgebracht. Op de LP staan zeven liedjes van John Lennon en Paul McCartney, één van George Harrison en zes covers. With The Beatles is geproduceerd door George Martin. Op de hoes staat een artistieke zwart-wit foto van John Lennon, Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr. Hij is gemaakt door Robert Freeman.

 

In Amerika wordt op 22 juli 1963 door Vee-Jay het album Introducing The Beatles uitgebracht. De eerste verkoopcijfers zijn teleurstellend. Kennelijk is Amerika nog niet klaar voor het beat-geweld uit Liverpool.

 

In het BBC-radioprogramma Pop Go The Beatles is op 23 juli 1963 de groep The Southerners te gast. In deze onbekende band zitten gitarist Jimmy Page, drummer Viv Prince en de zangers John Carter en Ken Lewis. Jimmy Page wordt in 1968 de sologitarist van Led Zeppelin. John Carter en Ken Lewis richten met Perry Ford in 1964 het trio The Ivy League op. Ook verzorgen zij de backing-vocals op I Can’t Explain, de eerste hit van The Who in 1965. Viv Prince wordt drummer bij The Pretty Things.

 

In de Abbey Road Studio in Londen neemt George Martin op 25 juli 1963 een demo op met Cilla Black. De producer heeft de zangeres ontdekt tijdens een optreden van Gerry & The Pacemakers in Liverpool. Op Shy Of Love wordt Cilla Black begeleid door The Bruisers, een trio van sessie-muzikanten o.l.v. Les Reed. Shy Of Love is geschreven door Bobby Willis, met wie Cilla Black op 25 januari 1969 in het huwelijk treedt.

 

Op Piccadilly 7N 35137 wordt op 30 juli 1963 Tip Of My Tongue van Tommy Quickly & The Remo Four uitgebracht. Op de B-kant staat Heaven Only Knows. Tip Of My Tongue is een compositie van John Lennon en Paul McCartney van The Beatles. De single wordt geen hit. Tommy Quickly & The Remo Four zijn een groep uit Liverpool die bij Beatles-manager Brian Epstein onder contract staat.

 

1964

Vier dagen voordat A Hard Day’s Night in Liverpool gaat draaien, wordt de eerste bioscoopfilm van The Beatles in Londen vertoond. De première is op 6 juli 1964 in de Pavillion Cinema. Vijfhonderd politiemensen zijn nodig om de gillende fans op afstand te houden als The Beatles arriveren. Na afloop van de voorstelling worden John Lennon, Paul McCartney, George Harrison, Ringo Starr en manager hun Brian Epstein aan Prinses Margaret en haar echtgenoot Lord Snowdon voorgesteld. Marilyn Wills, een nichtje van de Britse koningin, verschijnt op de première in een Beatles-jurk en een Beatles-kouseband. Na afloop geven The Beatles in het Dorchester Hotel een feestje voor familieleden en de Snowdons. Prinses Margaret zegt tegen de moeder van George Harrison dat zij A Hard Day’s Night “een heerlijke film” vindt.

 

President Soekarno van Indonesië verbiedt op 6 juli 1964 het Beatles-kapsel. Tijdens een toespraak over economische aangelegenheden zegt hij: “Ik geef de politie opdracht jongeren met Beatle-haar onmiddellijk naar de kapper te sturen”.

 

Paul McCartney geeft op 8 juli 1964 een renpaard cadeau aan zijn vader James McCartney. Die is een dag eerder 62 jaar geworden.

 

Op 10 juli 1964 is de eerste voorstelling van de speelfilm A Hard Day’s Night in Liverpool. Zoals op de foto te zien is, zijn The Beatles naar Liverpool gekomen. Het gaat er minder officieel aan toe dan in Londen. Daar is op 6 juli 1964 de wereldpremière. De politie moet er in Liverpool aan te pas komen om 150.000 fans in het gareel te houden. Op 10 juli 1964 wordt zowel de single als het album van de film A Hard Day’s Night uitgebracht.

 

Op de 21ste verjaardag van gitarist Robin McDonald, 18 juli 1964, verschijnt op Parlophone R 5156 de nieuwe single van Billy J. Kramer & The Dakotas. Het is de Lennon/McCartney-compositie From A Window. Op 23 juli 1964 komt de single de Engelse hitparade binnen. From A Window bereikt de tiende plaats. Het is de vierde keer dat Billy J. Kramer & The Dakotas een Lennon/McCartney-liedje de Engelse hitparade inzingen. De eerste drie zijn Do You Want To Know A Secret, Bad To Me en I’ll Keep You Satisfied.

 

In Engeland verschijnt op 30 juli 1964 de single I’m Gonna Knock On Your Door van The Pete Best Four. Op de B-kant staat Did I Fall In Love With You. De groep rond de ex-drummer van The Beatles bestaat verder uit Tony Waddington, Wayne Bickerton en Tommy McGurk. De single is uitgebracht door Decca Records, de platenmaatschappij die The Beatles begin 1962 heeft afgewezen. Mike Smith is op 1 januari 1962 de producer van de liedjes die The Beatles tijdens hun auditie opnemen. Hij is ook de producer van I’m Gonna Knock On Your Door (Decca F 11929) van The Pete Best Four. De single wordt geen hit en Pete Best wordt bij Decca de laan uitgestuurd.

 

In Nederland draait A Hard Day’s Night vanaf 30 juli 1964 in de bioscoop. In De Volkskrant van 31 juli 1964 schrijft H. de Witte: “Het is een nergens hoog mikkend, achtenswaardige film. De geluidskwaliteit is uitstekend. En zelfs verbluffend goed is de vindingrijke en frisse zwart-wit-fotografie van Gilbert Taylor, die zou doen vermoeden dat de nieuwe golf van de spontane camera naar Engeland is overgeslagen en die de film visueel op peil houdt. In vergelijking met andere films van tiener-idolen als Elvis Presley, Cliff Richard en Johnny Hallyday ligt deze eerste Beatles-film aan kop op de markt van het popamusement, ook in artistiek opzicht”.

 

1965

Paul McCartney arriveert op 13 juli 1965 veertig minuten te laat voor een lunch in het Savoy Hotel in Londen ter gelegenheid van de uitreiking van de Ivor Novello Awards. Hij zegt de afspraak te zijn “vergeten”. John Lennon weigert mee te gaan. Beide Beatles worden voor hun composities onderscheiden met vijf Ivor Novello Awards.

 

In de tweehonderdste uitzending van het tienerprogramma Thank Your Lucky Stars van de Britse commerciële omroep ABC worden op 17 juli 1965 de eerste beelden van Help!, de tweede speelfilm van The Beatles, op televisie vertoond.

 

Op 23 juli 1965 verschijnt de tiende officiële Beatles-single. Het is de titelsong van de film Help! met op de B-kant het door Paul McCartney in de stijl van Little Richard gezongen I'm Down. Help! komt op 31 juli 1965 binnen op de vierde plaats van de Nederlandse Top 40. Een week later staat de single zes weken lang aan de top.

 

In de Panorama van 25 juli 1965 staat deze foto van Freddie Lennon. Het onderschift luidt: “Dit is Alfred Lennon (52), de vader van Beatle John Lennon. Hij verdient honderd gulden schoon als keukenhulp in een hotel. Zijn eigen wens is zijn rijke zoon, schoondochter Cynthia en kleinzoon Julian eens te zien. Lennon sr. zag zijn vrouw Julia en zijn toen vijfjarige zoon twintig jaar geleden voor het laatst”.

 

In Londen is op 27 juli 1965 een persvoorstelling van de tweede Beatles-film Help!. De meeste aanwezige journalisten zijn enthousiast over de film. Vooral het acteertalent van Ringo Starr valt hen op.

 

Op donderdag 29 juli 1965 gaat de film Help! in de Pavillion Cinema in Londen in première. Net als bij de première van A Hard Day’s Night, een jaar eerder, zijn Prinses Margaret en Lord Snowdon aanwezig. Help is geregisseerd door de Amerikaanse regisseur Dick Lester.

 

1966

The Beatles arriveren op 3 juli 1966 in Manilla op de Filippijnen waar vijftigduizend fans alle toegangswegen naar het vliegveld blokkeren. Eén dag later geeft de groep een concert in het Araneta Colloseum in Manilla voor 100.000 schreeuwende fans.

 

The Beatles spelen op 4 juli 1966 in het Araneta Colloseum in Manilla op de Filippijnen voor 100.000 fans. De groep wordt uitgenodigd op theevisitie bij Imelda Marcos, de vrouw van de Filippijnse president. The Beatles slaan de uitnodiging af, hetgeen wordt beschouwd als een belediging van het staatshoofd. President Marcos geeft de politie de opdracht om John, Paul, George en Ringo onmiddellijk het land uit te zetten. Op het vliegveld worden zij hardhandig het vliegtuig ingewerkt.

 

Van The Beatles wordt op 8 juli 1966 de EP Nowhere Man uitgebracht. Op deze EP staan vier tracks van hun album Rubber Soul - Nowhere Man, Drive My Car, Michelle en You Won’t See Me.

 

Vijf maanden nadat de club The Cavern in Liverpool failliet is gegaan, wordt hij club op 23 juli 1966 heropend door de Britse premier Harold Wilson. De dagen van de Liverpoolse club lijken geteld in 1973. Op 27 mei 1973 moet de lokatie haar deuren sluiten, omdat de gemeente besluit om Matthew Street, waar de Cavern is gevestigd, te “reorganiseren”. Men wil de Merseyside-ondergrondse uitbreiden. Bovengronds moet er een groot parkeerterrein komen. Cavern-eigenaar Roy Adams bouwt een nieuwe Cavern recht tegenover de oude lokatie. Hij noemt dit aanvankelijk The Revolution. In 1974 opent The Revolution haar deuren. In 1976 wordt de naam echter veranderd in Cavern Club.

 

1967

Op 7 juli 1967 verschijnt All You Need Is Love van The Beatles. Deze single is op zondag 25 juni 1967 opgenomen tijdens de allereerste wereldwijde satelliet-uitzending Our World. Zo'n 400 miljoen mensen in 24 landen zien The Beatles in de grote studio van Abbey Road in Londen bezig aan de opnamen van All You Need Is Love. De studio is omgetoverd in een feestzaal met honderden serpentines en ballonnen in de vorm van wereldbollen. Onder de aanwezigen bevinden zich vrienden en collega’s als Brian Jones (die aan het slot saxofoon speelt), Jane Asher, Patti Boyd, Mick Jagger, Eric Clapton, Donovan, Keith Moon, Marianne Faithfull, Gary Leeds van The Walker Brothers en Graham Nash van The Hollies. Dezelfde avond worden de banden van All You Need Is Love naar Amerika, Canada, Japan en Australië gevlogen zodat de single snel kan worden uitgebracht. Op de B-kant staat Baby You’re A Rich Man dat eigenlijk bedoeld is voor de tekenfilm Yellow Submarine. Baby You’re A Rich Man is op 11 mei 1967 in de Olympic Sound Studios in Londen opgenomen. Vanaf 22 juli 1967 staat All You Need Is Love drie weken op de eerste plaats van de Nederlandse Top 40.

 

1968

John Lennon verkoopt op 5 juli 1968 zijn psychedelisch geschilderde Rolls Royce. Hij heeft maar één jaar in de auto gereden.

 

In het Pavillion Theatre in Londen gaat op 17 juli 1968 The Beatles’ tekenfilm Yellow Submarine in première. John Lennon, Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr zijn bij de voorstelling aanwezig. Het verhaal van Yellow Submarine is geschreven door Eric Segal. Hij wordt twee jaar later wereldberoemd als scenario-schrijver van de film Love Story.

 

The Iveys tekenen op 23 juli 1968 een contract met Apple, de platenmaatschappij van The Beatles. The Iveys zijn in 1967 opgericht door de gitaristen/zangers Pete Ham en Tom Evans, bassist/zanger Ron Griffiths en drummer/zanger Mike Gibbins. Maybe Tomorrow van The Iveys, geschreven door Pete Ham, wordt als vijfde single van Apple uitgebracht. Op de B-kant staat And Her Daddy Is A Millionaire, een compositie van Tom Evans en Pete Ham. De single komt op 1 februari 1969 de Nederlandse Top 40 binnen. Maybe Tomorrow bereikt de zeventiende plaats. Ons land is het enige land waar Maybe Tomorrow de hitparade haalt. Niet veel later verlaat Ron Griffiths The Iveys en wordt de groepsnaam veranderd in Badfinger. Joey Molland is de opvolger van Ron Griffiths.

 

Eindelijk mag George Harrison op 25 juli 1968 aan zijn bijdrage aan The Beatles’ The White Album werken. “Ik moest altijd eerst een stuk of tien songs van John en Paul doen voordat zij mij de gelegenheid gaven”, aldus de solo-gitarist van The Beatles. In Abbey Road-studio 2 neemt hij, zichzelf begeleidend op zijn akoestische gitaar, While My Guitar Gently Weeps op. Deze versie is te vinden op The Beatles Anthology die in 1996 is uitgebracht.

 

Op 29 juli 1968 wordt in Abbey Road-studio 2 begonnen aan de opname van Hey Jude. Het liedje is bedoeld als een hart onder de riem voor Julian Lennon. Zijn vader John Lennon is hevig verliefd op de Japanse kunstenares Yoko Ono en net gescheiden van zijn moeder Cynthia Powell. Paul McCartney krijgt Hey Jude aanvankelijk niet goed rond. Hij roept de hulp in van John Lennon. Het nummer begint als ballad en eindigt met een meezing-climax waarvoor een veertigkoppig orkest wordt gebruikt. De definitieve versie wordt op 1 augustus 1968 afgerond in de Trident Studio in Wardour Street in Londen. Deze studio is eigendom van The Beatles.

 

Op 30 juli 1968 sluit de Apple Boutique in Londen haar deuren. Nadat The Beatles eerst zelf hebben uitgezocht wat zij willen houden, wordt de rest van de kledingvoorraad uitgedeeld aan toevallig binnenkomende klanten en voorbijgangers. De totale winkelvoorraad ter waarde van zo’n 140.000 gulden is binnen twee uur opgeruimd. De kledingboetiek is op 5 december 1967 geopend in Baker Street in Londen. De dagelijkse leiding is in handen van Pete Shotton en Jenny Boyd, het scoonzusje van George Harrison.

 

1969

Tijdens een autorit in Schotland verliest John Lennon op 1 juli 1969 de controle over het stuur. Hij veroorzaakt een aanrijding. Naast John Lennon zitten zijn vrouw Yoko Ono, haar dochter Kyoko en zijn zoon Julian in de auto. Voor alle zekerheid worden alle vier voor controle in het ziekenhuis opgenomen. Een dag later haalt Cynthia Powell, de ex-vrouw van John Lennon, haar zoon Julian op uit het ziekenhuis. Zij vertrekt met hem naar Griekenland voor een korte vakantie. John, Yoko en Kyoko mogen op 6 juli 1969 het ziekenhuis verlaten.

 

Op 4 juli 1969 verschijnt Give Peace A Chance als eerste single van The Plastic Ono Band. Het liedje is tijdens een Bed-In van John Lennon en Yoko Ono op 1 juni 1969 in kamer 1472 van het Queen Elizabeth Hotel in Montreal in Canada opgenomen. Op Give Peace A Chance wordt meegezongen en meegeklapt door Tommy en Dick Smothers, Derek Taylor, Petula Clark, discjockey Murray The K en Timothy Leary. Deze Bed-In heeft acht dagen geduurd. Hij heeft John Lennon en Yoko Ono minder publiciteit opgeleverd dan hun eerste Bed-In in maart 1969 in het Amsterdamse Hilton Hotel. Give Peace A Chance komt op 19 juli 1969 de Nederlandse Top 40 binnen. De single staat vanaf  26 juli 1969 twee weken aan de top.

 

Lee Eastman, de schoonvader van Paul McCartney, schrijft op 8 juli 1969 een brief aan ieder lid van The Beatles. Daarin levert hij zware kritiek op de financiële overeenkomsten die Allen Klein in naam van de groep zou hebben afgesloten.

 

The Plastic Ono Band treedt op 7 juli 1969 voor de allereerste keer in het openbaar. Dit concert wordt gegeven in de Chelsea Town Hall. Van de gelegenheidsformatie maken, naast John Lennon en Yoko Ono, bassist Klaus Voorman, drummer Alan White en gitarist Eric Clapton deel uit. Diezelfde dag neemt George Harrison in Abbey Road-studio 2 Here Comes The Sun op.

 

Op 9 juli 1969 komt John Lennon eindelijk naar Abbey Road-studio 2 voor nieuwe plaatopnamen. Hij heeft Yoko Ono en een tweepersoonsbed bij zich! Omdat zij zwanger is en hij nog last heeft van het auto-ongeluk op 1 juli 1969 moeten John Lennon en Yoko Ono geregeld rust nemen. Voor technicus Martin Benge “moet het niet gekker worden”. The Beatles werken op deze dag aan Maxwell’s Silver Hammer, één van de tracks op hun nieuwe LP Abbey Road.

 

Op 12 juli 1969 blijkt uit een onderzoek dat ruim de helft van de Amerikaanse radiostations die op de middengolf uitzenden, weigeren The Ballad Of John And Yoko van The Beatles te draaien. De tekstregel “Christ, you know it ain’t easy” is hen een doorn in het oog. Ondanks deze radio-boycot bereikt de single de achtste plaats in de Billboard Hot 100.

 

John Sinclair wordt op 25 juli 1969 veroordeeld tot een gevangenisstraf van bijna tien jaar voor het bezit van marihuana. Behalve manager van The MC5 is John Sinclair de leider van de radicale White Panther Party. Het  debuutalbum Kick Out The Jams van The MC5 wordt door een groot aantal platenwinkels in Amerika niet verkocht vanwege de schuttingtaal die de groep gebruikt. Deze live-LP is op 30 en 31 oktober 1968 in de Grande Ballroom in Detroit opgenomen. Ondanks de boycot door een deel van de detailhandel bereikt Kick Out The Jams de dertigste plaats in de Billboard-albumlijst. John Lennon en Yoko Ono geven op 11 december 1971 in de Crisler Arena in Ann Arbor in Michigan een benefietvoorstelling voor John Sinclair. Op 14 december 1971 beslist het hooggerechtshof in Michigan dat John Sinclair moet worden vrijgelaten. Op het album Sometime In New York City staat het liedje John Sinclair dat John Lennon over deze zaak heeft geschreven. Hij heeft het tijdens het benefietconcert in Ann Arbor voor het eerst gezongen.

 

Retour hoofdpagina: The Beatles Dagboek

 

Bronnen: Beatles plakboeken van Ton van Draanen. Diverse Internetsites.

Beatles Dagboek van Har van Fulpen. The complete Beatles Recording Sessions van

Mark Lewisohn. Alle afgebeelde platenhoezen zijn van de Nederlandse persingen.

 

© Ton van Draanen, 2005.

 

Retour hoofdpagina: www.vandaagindemuziek.nl